VSV
StatenvertalingGenesis 9:29
“En al de dagen van Noach waren negenhonderdvijftig jaar; en hij stierf.”
Kruisverwijzingen
Context
Genesis 9 — omringende verzen
24
En Noach ontwaakte uit zijn wijn, en wist wat zijn jongste zoon hem had aangedaan.
25En hij zeide: Vervloekt zij Kanaän; een knecht der knechten zal hij zijn voor zijn broederen.
26En hij zeide: Geloofd zij de HEER, de God van Sem; en Kanaän zal zijn knecht zijn.
27God breidde Jafeth uit, en hij zal wonen in de tenten van Sem; en Kanaän zal zijn knecht zijn.
28En Noach leefde na de vloed driehonderdvijftig jaar.
29
En al de dagen van Noach waren negenhonderdvijftig jaar; en hij stierf.