Terug naar Handelingen 1
VSV
Statenvertaling

Handelingen 1:7

En Hij zeide tot hen: Het komt u niet toe de tijden of de gelegenheden te weten, die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 1 — omringende verzen

2

Tot de dag waarop Hij werd opgenomen, nadat Hij door de Heilige Geest geboden had gegeven aan de apostelen die Hij had uitgekozen;

3

Aan wie Hij Zich ook levend had getoond na Zijn lijden, door vele onfeilbare bewijzen, terwijl Hij veertig dagen lang door hen werd gezien en sprak over de dingen die het Koninkrijk van God betreffen.

4

En toen Hij met hen vergaderd was, gebood Hij hun dat zij niet uit Jeruzalem zouden vertrekken, maar de belofte van de Vader zouden verwachten, die Hij zeide: gij van Mij gehoord hebt.

5

Want Johannes doopte wel met water, maar gij zult gedoopt worden met de Heilige Geest, niet vele dagen van nu.

6

Toen zij dan bijeengekomen waren, vroegen zij Hem, zeggende: Heer, zult U in deze tijd het Koninkrijk aan Israël herstellen?

7

En Hij zeide tot hen: Het komt u niet toe de tijden of de gelegenheden te weten, die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft.

8

Maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u gekomen is; en gij zult Mijn getuigen zijn, zowel in Jeruzalem als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste der aarde.

9

En toen Hij dit gezegd had, werd Hij, terwijl zij toekeken, opgenomen; en een wolk ontnam Hem aan hun ogen.

10

En terwijl zij hem strak naar de hemel zagen gaan, ziet, twee mannen stonden bij hen in witte kleding,

11

Die ook zeiden: Gij mannen van Galilea, wat staat gij de hemel in te zien? Deze zelfde Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal alzo komen op dezelfde wijze als gij Hem naar de hemel hebt zien gaan.

12

Toen keerden zij terug naar Jeruzalem van de berg die Olijfberg geheten wordt, welke bij Jeruzalem gelegen is, een sabbatsreis ver.