Terug naar Handelingen 13
VSV
Statenvertaling

Handelingen 13:20

En daarna gaf Hij hun richters, omtrent vierhonderdvijftig jaar, tot aan Samuel, de profeet.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 13 — omringende verzen

15

En na het lezen van de wet en de profeten zonden de oversten van de synagoge hen een boodschap, zeggende: Mannen en broeders, als gij enig woord van vermaning voor het volk hebt, spreek dan.

16

Toen stond Paulus op en wenkte met zijn hand en zeide: Mannen van Israël en gij die God vreest, luistert.

17

De God van dit volk Israël heeft onze vaderen uitverkoren en het volk verheven toen zij als vreemdelingen in het land Egypte verbleven, en met een verheven arm heeft Hij hen daaruit geleid.

18

En omtrent de tijd van veertig jaren heeft Hij hun gedrag in de woestijn verdragen.

19

En nadat Hij zeven volken in het land Kanaän vernietigd had, verdeelde Hij hun land door het lot.

20

En daarna gaf Hij hun richters, omtrent vierhonderdvijftig jaar, tot aan Samuel, de profeet.

21

En daarna begeerden zij een koning; en God gaf hun Saul, de zoon van Kis, een man uit de stam van Benjamin, veertig jaar lang.

22

En nadat Hij hem afgezet had, verwekte Hij hun David als koning; van wie Hij ook getuigde en zeide: Ik heb David, de zoon van Isaï, gevonden, een man naar Mijn hart, die al Mijn wil zal volbrengen.

23

Uit het zaad van deze man heeft God overeenkomstig Zijn belofte aan Israël een Heiland verwekt, namelijk Jezus;

24

Nadat Johannes tevoren, vóór Zijn komst, de doop van bekering gepredikt had aan heel het volk van Israël.

25

En toen Johannes zijn loopbaan voltooide, zeide hij: Wie denkt gij dat ik ben? Ik ben het niet. Maar zie, na mij komt Één, wiens schoenen van de voeten ik niet waardig ben los te maken.