Terug naar Handelingen 20
VSV
Statenvertaling

Handelingen 20:11

Nadat hij dan naar boven gekomen was, en brood gebroken en gegeten had, en nog lang, ja tot de dageraad, gesproken had, vertrok hij zo.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 20 — omringende verzen

6

En wij voeren van Filippi weg na de dagen der ongezuurde broden, en kwamen in vijf dagen bij hen te Troas; waar wij zeven dagen verbleven.

7

En op de eerste dag der week, toen de discipelen samengekomen waren om brood te breken, predikte Paulus tot hen, bereid de volgende dag te vertrekken; en hij zette zijn rede voort tot middernacht.

8

En er waren vele lichten in de bovenzaal waar zij vergaderd waren.

9

En een zekere jongeling genaamd Eutychus zat in een venster, in diepe slaap gezonken; en terwijl Paulus lang predikte, overweldigd door de slaap, viel hij van de derde verdieping neer en werd dood opgenomen.

10

En Paulus ging naar beneden, en viel op hem, en hem omhelzende zeide hij: Maakt u niet ongerust; want zijn leven is in hem.

11

Nadat hij dan naar boven gekomen was, en brood gebroken en gegeten had, en nog lang, ja tot de dageraad, gesproken had, vertrok hij zo.

12

En zij brachten de jongeling levend, en waren niet weinig vertroost.

13

En wij gingen vooruit naar het schip en voeren naar Assos, van plan daar Paulus op te nemen; want zo had hij het bepaald, zelf van plan te voet te gaan.

14

En toen hij ons te Assos ontmoette, namen wij hem op en kwamen te Mitylene.

15

En wij voeren vandaar en kwamen de volgende dag tegenover Chios; en de dag daarna kwamen wij te Samos aan en bleven te Trogyllium; en de dag daarna kwamen wij te Milete.

16

Want Paulus had besloten langs Efeze te varen, omdat hij geen tijd in Asia wilde doorbrengen; want hij haastte zich, indien het hem mogelijk was, op de dag van Pinksteren te Jeruzalem te zijn.