Terug naar Handelingen 28
VSV
Statenvertaling

Handelingen 28:16

En toen wij te Rome kwamen, leverde de hoofdman de gevangenen over aan de bevelhebber der wacht; maar Paulus mocht op zichzelf wonen met een soldaat die hem bewaakte.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 28 — omringende verzen

11

En na drie maanden vertrokken wij in een schip van Alexandrië, dat op het eiland overwinterd had en als teken Castor en Pollux had.

12

En nadat wij te Syracuse aangelegd hadden, verbleven wij daar drie dagen.

13

En van daar voeren wij om en kwamen te Rhegium; en na één dag stak de zuidenwind op en kwamen wij de volgende dag te Puteoli.

14

Waar wij broeders vonden en verzocht werden zeven dagen bij hen te blijven; en zo reisden wij naar Rome.

15

En van daar kwamen de broeders, die van ons gehoord hadden, ons tegemoet tot aan het Forum van Appius en De Drie Herbergen; en toen Paulus hen zag, dankte hij God en schepte moed.

16

En toen wij te Rome kwamen, leverde de hoofdman de gevangenen over aan de bevelhebber der wacht; maar Paulus mocht op zichzelf wonen met een soldaat die hem bewaakte.

17

En het geschiedde dat Paulus na drie dagen de voornaamsten der Joden bijeenriep; en toen zij bijeengekomen waren, zei hij tot hen: Mannen en broeders, hoewel ik niets gedaan heb tegen het volk of de gebruiken van onze vaderen, ben ik als gevangene van Jeruzalem overgeleverd in de handen der Romeinen.

18

Die mij onderzocht hebben en mij wilden vrijlaten, omdat er in mij geen grond voor de dood was.

19

Maar toen de Joden daartegen spraken, werd ik genoodzaakt mij op Caesar te beroepen; niet alsof ik mijn volk van iets beschuldigen wilde.

20

Om deze reden dan heb ik u laten roepen, om u te zien en met u te spreken; want om de hoop van Israël ben ik met deze keten gebonden.

21

En zij zeiden tot hem: Wij hebben geen brieven uit Judea over u ontvangen, noch heeft enige der broeders die gekomen zijn iets kwaads van u bericht of gesproken.