Hebreeën 6:7
“Want de aarde die de regen indrinkt die menigmaal daarop komt, en kruid voortbrengt nuttig voor hen door wie zij ook bewerkt wordt, ontvangt zegen van God;”
Kruisverwijzingen
Context
Hebreeën 6 — omringende verzen
Van de leer der dopen en van oplegging der handen, en van opstanding der doden en van eeuwig oordeel.
3En dit zullen wij doen, als God het toelaat.
4Want het is onmogelijk voor hen die eens verlicht zijn geweest, en de hemelse gave gesmaakt hebben, en deelgenoten geworden zijn van de Heilige Geest,
5En het goede Woord van God gesmaakt hebben, en de krachten der toekomende wereld,
6Indien zij afvallen, om hen opnieuw te vernieuwen tot bekering, daar zij voor zichzelf de Zoon van God wederom kruisigen en openlijk te schande maken.
Want de aarde die de regen indrinkt die menigmaal daarop komt, en kruid voortbrengt nuttig voor hen door wie zij ook bewerkt wordt, ontvangt zegen van God;
Maar die doornen en distels voortbrengt, is verwerpelijk en nabij de vervloeking, en haar einde is verbranding.
9Maar wij zijn ten aanzien van u, geliefden, overtuigd van betere dingen en dingen die met zaligheid gepaard gaan, hoewel wij aldus spreken.
10Want God is niet onrechtvaardig om uw werk en de arbeid der liefde te vergeten die gij Zijn Naam hebt betoond, daar gij de heiligen gediend hebt en dient.
11En wij begeren dat ieder van u dezelfde ijver betoont tot volle zekerheid van de hoop tot het einde toe,
12Opdat gij niet traag wordt, maar navolgers van hen die door geloof en geduld de beloften beërven.