VSV
StatenvertalingHooglied 1:17
“De balken van ons huis zijn cederen, en onze zoldering van cypressen.”
Kruisverwijzingen
Context
Hooglied 1 — omringende verzen
12
Terwijl de koning aan zijn tafel zit, verspreidt mijn nardus zijn geur.
13Een bundel mirre is mijn beminde voor mij; hij zal de nacht doorbrengen tussen mijn borsten.
14Mijn beminde is voor mij als een tros henna in de wijngaarden van Engedi.
15Zie, gij zijt schoon, mijn liefste; zie, gij zijt schoon; gij hebt duivenogen.
16Zie, gij zijt schoon, mijn beminde, ja, liefelijk; ook ons leger is groen.
17
De balken van ons huis zijn cederen, en onze zoldering van cypressen.