Hooglied 7:3
“Uw twee borsten zijn als twee jonge reekalfjes, tweelingen.”
Kruisverwijzingen
Context
Hooglied 7 — omringende verzen
Hoe schoon zijn uw voeten in sandalen, o dochter des vorsten! De rondingen van uw heupen zijn als sieraden, het werk van de handen van een kunstenaar.
2Uw navel is als een ronde drinkschaal, die geen mengdrank ontbreekt; uw buik als een hoop tarwe, omgeven met lelies.
Uw twee borsten zijn als twee jonge reekalfjes, tweelingen.
Uw hals is als een ivoren toren; uw ogen als de vijvers van Hesbon, bij de poort van Bat-rabbim; uw neus als de toren van de Libanon die uitkijkt naar Damascus.
5Uw hoofd op u is als de Karmel, en het haar van uw hoofd als purper; de koning is gebonden in zijn vlecht.
6Hoe schoon en hoe lieflijk zijt gij, o liefste, in de geneugten!
7Deze uw gestalte gelijkt op een palmboom en uw borsten op druiventrossen.
8Ik zei: Ik zal opgaan in de palmboom, ik zal zijn takken grijpen; en uw borsten zullen zijn als druiventrossen van de wijnstok, en de geur van uw adem als appelen.