Hooglied 7:4
“Uw hals is als een ivoren toren; uw ogen als de vijvers van Hesbon, bij de poort van Bat-rabbim; uw neus als de toren van de Libanon die uitkijkt naar Damascus.”
Kruisverwijzingen
Context
Hooglied 7 — omringende verzen
Hoe schoon zijn uw voeten in sandalen, o dochter des vorsten! De rondingen van uw heupen zijn als sieraden, het werk van de handen van een kunstenaar.
2Uw navel is als een ronde drinkschaal, die geen mengdrank ontbreekt; uw buik als een hoop tarwe, omgeven met lelies.
3Uw twee borsten zijn als twee jonge reekalfjes, tweelingen.
Uw hals is als een ivoren toren; uw ogen als de vijvers van Hesbon, bij de poort van Bat-rabbim; uw neus als de toren van de Libanon die uitkijkt naar Damascus.
Uw hoofd op u is als de Karmel, en het haar van uw hoofd als purper; de koning is gebonden in zijn vlecht.
6Hoe schoon en hoe lieflijk zijt gij, o liefste, in de geneugten!
7Deze uw gestalte gelijkt op een palmboom en uw borsten op druiventrossen.
8Ik zei: Ik zal opgaan in de palmboom, ik zal zijn takken grijpen; en uw borsten zullen zijn als druiventrossen van de wijnstok, en de geur van uw adem als appelen.
9En uw gehemelte als de beste wijn voor mijn geliefde, die zacht nedervloeit, de lippen van de slapenden doet spreken.