Terug naar Jeremia 26
VSV
Statenvertaling

Jeremia 26:7

En de priesters en de profeten en al het volk hoorden Jeremia deze woorden spreken in het huis des HEREN.

Kruisverwijzingen

Context

Jeremia 26 — omringende verzen

2

Zo zegt de HEER: Sta in de voorhof van het huis des HEREN, en spreek tot alle steden van Juda die komen om te aanbidden in het huis des HEREN, al de woorden die Ik u gebied tot hen te spreken; doe geen woord te kort:

3

Of zij misschien zullen luisteren en zich bekeren, een ieder van zijn boze weg, zodat Ik Mij berouw over het onheil dat Ik hun wil aandoen vanwege de boosheid van hun daden.

4

En gij zult tot hen zeggen: Zo zegt de HEER: Indien gij niet naar Mij luistert om te wandelen in Mijn wet, die Ik u voor ogen gesteld heb,

5

Om te luisteren naar de woorden van Mijn knechten de profeten, die Ik tot u gezonden heb, vroeg opstaan en zenden, maar waarnaar gij niet geluisterd hebt;

6

Dan zal Ik dit huis maken als Silo, en deze stad zal Ik maken tot een vloek voor alle volken der aarde.

7

En de priesters en de profeten en al het volk hoorden Jeremia deze woorden spreken in het huis des HEREN.

8

En het geschiedde, toen Jeremia geëindigd had met spreken van alles wat de HEER hem geboden had te spreken tot al het volk, dat de priesters en de profeten en al het volk hem grepen en zeiden: Gij zult zeker sterven.

9

Waarom hebt gij geprofeteerd in de naam des HEREN en gezegd: Dit huis zal worden als Silo, en deze stad zal woest worden, zonder inwoner? En al het volk verzamelde zich tegen Jeremia in het huis des HEREN.

10

Toen de vorsten van Juda deze dingen hoorden, kwamen zij op van het huis des konings naar het huis des HEREN en zetten zich neder in de ingang van de nieuwe poort des HEREN.

11

Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk en zeiden: Deze man is des doods schuldig; want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, zoals gij met uw eigen oren gehoord hebt.

12

Toen sprak Jeremia tot alle vorsten en tot al het volk en zei: De HEER heeft mij gezonden om te profeteren tegen dit huis en tegen deze stad, al de woorden die gij gehoord hebt.