Terug naar Jesaja 28
VSV
Statenvertaling

Jesaja 28:19

Van de tijd dat hij uittrekt, zal hij u grijpen; want morgen aan morgen zal hij doortrekken, bij dag en bij nacht; en het zal alleen een schrik zijn het bericht te verstaan.

Kruisverwijzingen

Context

Jesaja 28 — omringende verzen

14

Hoor daarom het woord van de HEER, gij spotters die over dit volk in Jeruzalem heerschappij voert.

15

Omdat gij gezegd hebt: Wij hebben een verbond met de dood gesloten, en met het dodenrijk zijn wij een overeenkomst aangegaan; wanneer de overstromende gesel doortrekt, zal hij ons niet bereiken; want wij hebben de leugen tot onze toevlucht gemaakt, en onder de valsheid hebben wij ons verborgen.

16

Daarom, zo zegt de Heer HEER: Zie, Ik leg in Sion een grondsteen, een beproefde steen, een kostbare hoeksteen, een vast fundament; wie gelooft, zal niet haasten.

17

En Ik zal het recht tot een meetlint stellen, en de gerechtigheid tot een paslood; en de hagel zal de toevlucht der leugen wegvagen, en de wateren zullen de schuilplaats overspoelen.

18

En uw verbond met de dood zal verbroken worden, en uw overeenkomst met het dodenrijk zal niet bestaan; wanneer de overstromende gesel doortrekt, dan zult gij daardoor vertrapt worden.

19

Van de tijd dat hij uittrekt, zal hij u grijpen; want morgen aan morgen zal hij doortrekken, bij dag en bij nacht; en het zal alleen een schrik zijn het bericht te verstaan.

20

Want het bed is te kort om zich erop uit te strekken, en de deken te smal om zich erin te wikkelen.

21

Want de HEER zal opstaan zoals op de berg Perazim, Hij zal in toorn ontsteken zoals in het dal van Gibeon, om Zijn werk te doen, Zijn vreemde werk; en om Zijn daad te volbrengen, Zijn vreemde daad.

22

Welnu, spot niet langer, opdat uw banden niet sterker worden; want ik heb van de Heer HEER der heerscharen gehoord van een vernietiging, vastbesloten over de gehele aarde.

23

Neigt het oor en hoort mijn stem; luistert aandachtig en hoort mijn rede.

24

Ploegt de ploeger de gehele dag om te zaaien? Opent en breekt hij de kluiten van zijn land?