Jesaja 48:1
“Hoort dit, o huis van Jakob, die bij de naam van Israël wordt genoemd, en voortgekomen zijn uit de wateren van Juda, die zweren bij de naam van de HEER, en de God van Israël gedenken, maar niet in waarheid, noch in gerechtigheid.”
Kruisverwijzingen
Context
Jesaja 48 — omringende verzen
Hoort dit, o huis van Jakob, die bij de naam van Israël wordt genoemd, en voortgekomen zijn uit de wateren van Juda, die zweren bij de naam van de HEER, en de God van Israël gedenken, maar niet in waarheid, noch in gerechtigheid.
Want zij noemen zichzelf van de heilige stad, en steunen op de God van Israël; de HEER der heerscharen is Zijn naam.
3Ik heb de vroegere dingen van den beginne verkondigd; zij gingen uit Mijn mond en Ik maakte ze bekend; Ik deed ze plotseling, en zij kwamen tot stand.
4Want Ik wist dat gij halsstarrig zijt, en dat uw nek een ijzeren pees is, en uw voorhoofd van koper.
5Ik heb het u van den beginne verkondigd; voordat het geschiedde maakte Ik het u bekend: opdat gij niet zoudt zeggen: Mijn afgod heeft dit gedaan, en mijn gesneden beeld, en mijn gegoten beeld heeft het bevolen.
6Gij hebt dit alles gehoord, aanschouwt het — zult gij het dan niet verkondigen? Ik heb u nieuwe dingen van nu af doen horen, verborgen dingen die gij niet kende.