VSV
StatenvertalingJob 20:2
“Daarom doen mijn gedachten mij antwoorden, en hierom maak ik haast.”
Kruisverwijzingen
Context
Job 20 — omringende verzen
1
Toen antwoordde Zofar, de Naämathiet, en zeide:
2
3Daarom doen mijn gedachten mij antwoorden, en hierom maak ik haast.
Ik heb de berisping van mijn smaad gehoord, en de geest van mijn verstand doet mij antwoorden.
4Weet gij dit niet van oudsher, sedert de mens op aarde is geplaatst,
5Dat de triomf van de goddeloze van korte duur is, en de vreugde van de huichelaar maar een ogenblik?
6Al rijst zijn grootheid op tot de hemelen, en al reikt zijn hoofd tot aan de wolken;
7Toch zal hij voor eeuwig vergaan als zijn eigen drek; wie hem gezien hebben, zullen zeggen: Waar is hij?