Job 9:8
“Die alleen de hemelen uitspant, en Die op de golven van de zee treedt.”
Kruisverwijzingen
Context
Job 9 — omringende verzen
Als hij met Hem wil twisten, kan hij Hem niet van duizend dingen één beantwoorden.
4Hij is wijs van hart en machtig van kracht; wie heeft zich tegen Hem verhard en is voorspoedig gebleven?
5Die de bergen verzet, en zij weten het niet; Die ze omkeert in Zijn toorn.
6Die de aarde doet beven uit haar plaats, zodat haar pilaren daveren.
7Die de zon gebiedt op te komen, maar zij komt niet op; en Die de sterren verzegelt.
Die alleen de hemelen uitspant, en Die op de golven van de zee treedt.
Die de Grote Beer, Orion en de Pleiaden maakt, en de sterrekamers van het zuiden.
10Die grote dingen doet, ondoorgrondelijk; ja, wonderen zonder getal.
11Zie, Hij gaat aan mij voorbij, en ik zie Hem niet; Hij trekt verder, maar ik bemerk Hem niet.
12Zie, Hij neemt weg, wie zal Hem tegenhouden? Wie zal tot Hem zeggen: Wat doet U?
13Als God Zijn toorn niet inhoudt, buigen de trotse helpers zich onder Hem.