Johannes 10:32
“Jezus antwoordde hun: Vele goede werken heb Ik u getoond van mijn Vader; om welk van die werken stenigt u Mij?”
Kruisverwijzingen
Context
Johannes 10 — omringende verzen
Mijn schapen horen mijn stem, en Ik ken hen en zij volgen Mij;
28en Ik geef hun het eeuwige leven, en zij zullen geenszins verloren gaan, en niemand zal hen uit mijn hand rukken.
29Mijn Vader, die hen Mij gegeven heeft, is groter dan allen, en niemand kan hen uit de hand van mijn Vader rukken.
30Ik en de Vader zijn één.
31De Joden namen dan opnieuw stenen op om Hem te stenigen.
Jezus antwoordde hun: Vele goede werken heb Ik u getoond van mijn Vader; om welk van die werken stenigt u Mij?
De Joden antwoordden Hem: Om een goed werk stenigen wij U niet, maar om godslastering, en omdat U, een mens zijnde, Uzelf God maakt.
34Jezus antwoordde hun: Is er niet geschreven in uw wet: Ik heb gezegd: Gij zijt goden?
35Als Hij hen goden noemde tot wie het Woord van God gekomen is, en de Schrift niet gebroken kan worden,
36zegt u dan van Hem, die de Vader geheiligd en in de wereld gezonden heeft: U lastert God, omdat Ik gezegd heb: Ik ben de Zoon van God?
37Als Ik de werken van mijn Vader niet doe, geloof Mij dan niet.