Leviticus 14:41
“En hij zal het huis van binnen rondom laten afkrabben, en men zal het stof dat men afkrabt buiten de stad op een onreine plaats uitstorten.”
Kruisverwijzingen
Context
Leviticus 14 — omringende verzen
Dan zal de priester gebieden dat men het huis leegmaakt, voordat de priester binnengaat om de plaag te bezien, opdat niet alles wat in het huis is onrein worde; en daarna zal de priester binnengaan om het huis te bezien.
37En hij zal de plaag bekijken; en zie, indien de plaag in de muren van het huis bestaat uit holle strepen, groenachtig of roodachtig, die er dieper uitzien dan de muur,
38dan zal de priester het huis uitgaan naar de deur van het huis, en het huis zeven dagen sluiten.
39En de priester zal op de zevende dag terugkeren en kijken; en zie, indien de plaag zich in de muren van het huis verspreid heeft,
40dan zal de priester gebieden dat men de stenen waarin de plaag is, wegneemt, en men zal ze buiten de stad op een onreine plaats werpen.
En hij zal het huis van binnen rondom laten afkrabben, en men zal het stof dat men afkrabt buiten de stad op een onreine plaats uitstorten.
En men zal andere stenen nemen en die in de plaats van die stenen zetten; en hij zal ander kalk nemen en het huis bepleisteren.
43En indien de plaag wederkeert en in het huis uitbreekt, nadat men de stenen weggenomen heeft, en nadat men het huis afgekrabd heeft en het bepleisterd is,
44dan zal de priester komen en kijken; en zie, indien de plaag zich in het huis verspreid heeft, dan is het een knagende melaatsheid in het huis; het is onrein.
45En hij zal het huis afbreken, zijn stenen en zijn houtwerk en al het kalk van het huis; en hij zal dat buiten de stad naar een onreine plaats brengen.
46Voorts zal ieder die het huis binnengaat gedurende de gehele tijd dat het gesloten is, onrein zijn tot de avond.