Leviticus 5:7
“En indien hij niet in staat is een lam te brengen, dan zal hij voor zijn overtreding die hij begaan heeft twee tortelduiven of twee jonge duiven voor de HEER brengen; één als zondoffer en de ander als brandoffer.”
Kruisverwijzingen
Context
Leviticus 5 — omringende verzen
Of indien een ziel iets onreins aanraakt, hetzij het karkas van een onrein wild dier, of het karkas van onrein vee, of het karkas van onreine kruipende dieren, en het is voor hem verborgen gebleven; dan is hij ook onrein en schuldig.
3Of indien hij de onreinheid van een mens aanraakt, welke onreinheid dan ook waarmee een mens verontreinigd kan worden, en het is voor hem verborgen gebleven; wanneer hij het te weten komt, dan is hij schuldig.
4Of indien een ziel zweert, met zijn lippen uitsprekend om kwaad te doen of om goed te doen, wat het ook zij dat een mens met een eed uitspreekt, en het is voor hem verborgen gebleven; wanneer hij het te weten komt, dan is hij schuldig in een van deze dingen.
5En het zal geschieden, wanneer hij schuldig is in een van deze dingen, dat hij belijden zal dat hij in die zaak gezondigd heeft;
6En hij zal zijn schuldoffer voor de HEER brengen voor zijn zonde die hij begaan heeft, een vrouwtje van het kleinvee, een lam of een geitenbok, als zondoffer; en de priester zal voor hem verzoening doen wegens zijn zonde.
En indien hij niet in staat is een lam te brengen, dan zal hij voor zijn overtreding die hij begaan heeft twee tortelduiven of twee jonge duiven voor de HEER brengen; één als zondoffer en de ander als brandoffer.
En hij zal ze naar de priester brengen, die eerst datgene wat voor het zondoffer bestemd is, zal offeren en de kop van zijn nek afknijpen, maar het niet doormidden splijten;
9En hij zal wat van het bloed van het zondoffer besprenkelen op de zijkant van het altaar, en het overige bloed zal uitgeknepen worden aan de voet van het altaar; het is een zondoffer.
10En hij zal het tweede offeren als brandoffer, naar de voorschriften; en de priester zal voor hem verzoening doen wegens zijn zonde die hij begaan heeft, en het zal hem vergeven worden.
11Maar indien hij niet in staat is twee tortelduiven of twee jonge duiven te brengen, dan zal hij die gezondigd heeft als zijn offer het tiende deel van een efa fijn meel brengen als zondoffer; hij zal er geen olie op doen en er geen wierook op leggen, want het is een zondoffer.
12Dan zal hij het naar de priester brengen, en de priester zal er een handvol van nemen, als een gedenkoffer ervan, en het op het altaar verbranden bij de vuuroffers voor de HEER; het is een zondoffer.