Lukas 22:54
“Toen grepen zij Hem, leidden Hem weg en brachten Hem in het huis van de hogepriester. En Petrus volgde van verre.”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 22 — omringende verzen
En toen zij die om Hem heen waren, zagen wat er zou volgen, zeiden zij tot Hem: Heer, zullen wij slaan met het zwaard?
50En een van hen sloeg de knecht van de hogepriester en hieuw zijn rechteroor af.
51En Jezus antwoordde en zei: Laat het tot zover gaan. En Hij raakte zijn oor aan en genas hem.
52Toen zei Jezus tot de overpriesters en de hoofdlieden van de tempel en de oudsten, die op Hem afgekomen waren: Zijt gij uitgetrokken met zwaarden en stokken, alsof Ik een rover ben?
53Toen Ik dagelijks bij u was in de tempel, strekte gij uw handen niet tegen Mij uit; maar dit is uw uur, en de macht der duisternis.
Toen grepen zij Hem, leidden Hem weg en brachten Hem in het huis van de hogepriester. En Petrus volgde van verre.
En toen zij een vuur hadden aangestoken midden in de zaal en samen waren gaan zitten, zat Petrus in hun midden.
56Maar een zekere dienstmaagd zag hem zitten bij het vuur, en zij keek hem aandachtig aan en zei: Deze man was ook met Hem.
57En hij ontkende het, zeggende: Vrouw, ik ken Hem niet.
58En na een korte tijd zag een ander hem en zei: Gij behoort ook tot hen. En Petrus zei: Man, ik niet.
59En omstreeks een uur later verzekerde een ander met nadruk: Waarlijk, deze man was ook met Hem, want hij is een Galileeër.