Lukas 3:11
“Hij antwoordde en zei tot hen: Wie twee klederen heeft, die dele met hem die er geen heeft, en wie voedsel heeft, die doe evenzo.”
Kruisverwijzingen
Context
Lukas 3 — omringende verzen
En al wat leeft zal de zaligheid Gods zien.
7Toen zei hij tot de menigte die tot hem kwam om gedoopt te worden: Gij adderengebroed, wie heeft u gewaarschuwd te vlieden voor de toorn die komt?
8Breng dan vruchten voort die der bekering waardig zijn, en begin niet bij uzelf te zeggen: Wij hebben Abraham tot vader; want ik zeg u dat God uit deze stenen kinderen voor Abraham kan verwekken.
9En nu is ook de bijl aan de wortel van de bomen gelegd; elke boom dan die geen goede vrucht voortbrengt, wordt omgehouwen en in het vuur geworpen.
10En het volk vroeg hem: Wat moeten wij dan doen?
Hij antwoordde en zei tot hen: Wie twee klederen heeft, die dele met hem die er geen heeft, en wie voedsel heeft, die doe evenzo.
En ook tollenaren kwamen om gedoopt te worden en zeiden tot hem: Meester, wat moeten wij doen?
13En hij zei tot hen: Vordert niet meer dan wat u bepaald is.
14En ook soldaten vroegen hem: En wij, wat moeten wij doen? En hij zei tot hen: Doet niemand geweld aan, beschuldigt ook niemand valselijk, en weest tevreden met uw soldij.
15En daar het volk in verwachting was en allen in hun hart over Johannes overwogen of hij wellicht de Christus was,
16Antwoordde Johannes en zei tot allen: Ik doop u wel met water, maar Er komt Een die sterker is dan ik, van wie ik niet waardig ben de riem van Zijn schoenen los te maken; Hij zal u dopen met de Heilige Geest en met vuur.