Terug naar Lukas 8
VSV
Statenvertaling

Lukas 8:41

En zie, er kwam een man, met name Jaïrus, en hij was een overste van de synagoge; en hij viel neer aan de voeten van Jezus en bad Hem dat Hij in zijn huis zou komen,

Kruisverwijzingen

Context

Lukas 8 — omringende verzen

36

Ook degenen die het gezien hadden, vertelden hun op welke wijze hij die door de duivelen bezeten was geweest, genezen was.

37

Toen bad Hem de gehele menigte van het land der Gadarenen rondom van hen weg te gaan, want zij waren met grote vrees bevangen; en Hij ging in het schip en keerde terug.

38

De man nu, uit wie de duivelen waren uitgevaren, bad Hem dat hij bij Hem mocht zijn; maar Jezus zond hem weg, zeggende:

39

Keer terug naar uw huis en vertel hoe grote dingen God u gedaan heeft. En hij ging heen en verkondigde door de gehele stad hoe grote dingen Jezus hem gedaan had.

40

En het geschiedde, toen Jezus terugkeerde, dat het volk Hem met vreugde ontving, want zij allen wachtten op Hem.

41

En zie, er kwam een man, met name Jaïrus, en hij was een overste van de synagoge; en hij viel neer aan de voeten van Jezus en bad Hem dat Hij in zijn huis zou komen,

42

Want hij had een enige dochter, omtrent twaalf jaar oud, en zij lag op sterven. Maar terwijl Hij heenging, verdrongen de mensen Hem.

43

En een vrouw, die een bloedvloeiing had al twaalf jaren, die al haar middelen van bestaan aan geneesheren had besteed en door niemand kon genezen worden,

44

Kwam van achteren en raakte de zoom van Zijn kleed aan, en terstond stond haar bloedvloeiing stil.

45

En Jezus zeide: Wie heeft Mij aangeraakt? Toen allen het ontkenden, zeide Petrus en zij die bij hem waren: Meester, de menigte verdringt U en drukt U, en zegt Gij: Wie heeft Mij aangeraakt?

46

En Jezus zeide: Iemand heeft Mij aangeraakt, want Ik heb gevoeld dat er kracht van Mij is uitgegaan.