Markus 11:13
“En ziende van verre een vijgenboom die bladeren had, ging Hij daarheen om te zien of Hij er ook iets op vinden zou; en toen Hij erbij gekomen was, vond Hij niets dan bladeren; want de tijd van vijgen was nog niet.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 11 — omringende verzen
En velen spreidden hun klederen op de weg; en anderen hieuwen takken van de bomen en spreidden ze op de weg.
9En die voorgingen en die volgden, riepen, zeggende: Hosanna; Gezegend is Hij die komt in de Naam des Heren.
10Gezegend zij het koninkrijk van onze vader David, dat komt in de Naam des Heren; Hosanna in de hoogste hemelen.
11En Jezus ging Jeruzalem binnen, en in de tempel; en nadat Hij alles rondom had aanschouwd, en de avond nu gevallen was, ging Hij uit naar Bethanië met de twaalven.
12En de volgende dag, toen zij van Bethanië kwamen, had Hij honger.
En ziende van verre een vijgenboom die bladeren had, ging Hij daarheen om te zien of Hij er ook iets op vinden zou; en toen Hij erbij gekomen was, vond Hij niets dan bladeren; want de tijd van vijgen was nog niet.
En Jezus antwoordde en zeide tot hem: Niemand ete van u vrucht meer in eeuwigheid. En Zijn discipelen hoorden het.
15En zij kwamen te Jeruzalem; en Jezus ging in de tempel en begon hen die in de tempel verkochten en kochten uit te drijven, en wierp de tafels van de wisselaars en de stoelen van hen die duiven verkochten om.
16En Hij liet niet toe dat iemand enig vat door de tempel droeg.
17En Hij leerde, zeggende tot hen: Is er niet geschreven: Mijn huis zal een huis des gebeds genoemd worden voor alle volken? Maar gij hebt er een rovershol van gemaakt.
18En de schriftgeleerden en de overpriesters hoorden het, en zochten hoe zij Hem zouden kunnen ombrengen; want zij vreesden Hem, omdat het gehele volk versteld stond over Zijn leer.