Markus 12:20
“Nu waren er zeven broeders; en de eerste nam een vrouw, en stierf zonder nageslacht na te laten.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 12 — omringende verzen
Zullen wij geven, of niet geven? Maar Hij, hun huichelarij kennende, zeide tot hen: Waarom verzoekt gij Mij? Brengt Mij een penning, opdat Ik hem zie.
16En zij brachten hem. En Hij zeide tot hen: Wiens is dit beeld en dit opschrift? En zij zeiden tot Hem: Des keizers.
17En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Geeft de keizer wat des keizers is, en Gode wat Gods is. En zij verwonderden zich over Hem.
18Toen kwamen tot Hem de Sadduceeën, die zeggen dat er geen opstanding is; en zij vraagden Hem, zeggende:
19Meester, Mozes heeft ons geschreven: Indien iemands broeder sterft en een vrouw nalaat, en geen kinderen achterlaat, dat zijn broeder zijn vrouw neme en zijn broeder nageslacht verwekke.
Nu waren er zeven broeders; en de eerste nam een vrouw, en stierf zonder nageslacht na te laten.
En de tweede nam haar, en stierf, en ook die liet geen nageslacht na; en de derde evenzo.
22En de zeven hadden haar, en lieten geen nageslacht na; als laatste van allen stierf ook de vrouw.
23In de opstanding dan, wanneer zij zullen opstaan, wiens vrouw zal zij zijn van hen? Want die zeven hebben haar tot vrouw gehad.
24En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Dwaalt gij daarom niet, omdat gij de Schriften niet kent, noch de kracht van God?
25Want wanneer zij uit de doden zullen opstaan, huwen zij niet en worden zij niet ten huwelijk gegeven; maar zij zijn als de engelen die in de hemel zijn.