Markus 14:40
“En toen Hij terugkwam, vond Hij hen wederom slapende, want hun ogen waren zwaar, en zij wisten niet wat zij Hem antwoorden moesten.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 14 — omringende verzen
En Hij ging een weinig verder, en viel op de grond, en bad dat, indien het mogelijk was, dat uur van Hem voorbij zou gaan.
36En Hij zei: Abba, Vader, alle dingen zijn U mogelijk; neem deze beker van Mij weg; doch niet wat Ik wil, maar wat U wilt.
37En Hij kwam en vond hen slapende, en zei tot Petrus: Simon, slaapt u? Kon u geen uur waken?
38Waak en bid, opdat u niet in verzoeking komt. De geest is wel gewillig, maar het vlees is zwak.
39En wederom ging Hij heen en bad, en sprak dezelfde woorden.
En toen Hij terugkwam, vond Hij hen wederom slapende, want hun ogen waren zwaar, en zij wisten niet wat zij Hem antwoorden moesten.
En Hij kwam de derde keer en zei tot hen: Slaapt u nu verder en rust; het is genoeg, het uur is gekomen; zie, de Zoon des mensen wordt overgeleverd in de handen van zondaren.
42Sta op, laat ons gaan; zie, hij die Mij verraadt, is nabij.
43En terstond, terwijl Hij nog sprak, kwam Judas, een van de twaalven, en met hem een grote menigte met zwaarden en stokken, van de overpriesters en de schriftgeleerden en de oudsten.
44En hij die Hem verried, had hun een teken gegeven en gezegd: Wie ik kussen zal, Die is het; grijp Hem en leidt Hem veilig weg.
45En zodra hij gekomen was, ging hij onmiddellijk naar Hem toe en zei: Meester, Meester; en kuste Hem.