Markus 5:23
“En smeekte Hem dringend, zeggende: Mijn dochtertje ligt op haar uiterste; ik bid U, kom en leg haar de handen op, opdat zij behouden worde en leven zal.”
Kruisverwijzingen
Context
Markus 5 — omringende verzen
En toen Hij in het schip gegaan was, bad hij die bezeten geweest was Hem dat hij bij Hem mocht zijn.
19Doch Jezus liet hem niet toe, maar zeide tot hem: Ga heen naar uw huis tot de uwen, en vertel hun hoe grote dingen de Heer u gedaan heeft, en hoe Hij Zich over u ontfermd heeft.
20En hij ging heen en begon in Dekápolis te verkondigen hoe grote dingen Jezus hem gedaan had; en allen verwonderden zich.
21En toen Jezus weer met het schip overgestoken was naar de overkant, verzamelde zich een grote menigte bij Hem; en Hij was bij de zee.
22En zie, er kwam een van de oversten der synagoge, Jaïrus genaamd; en toen hij Hem zag, viel hij aan Zijn voeten,
En smeekte Hem dringend, zeggende: Mijn dochtertje ligt op haar uiterste; ik bid U, kom en leg haar de handen op, opdat zij behouden worde en leven zal.
En Jezus ging met hem mede; en een grote menigte volgde Hem en drong op Hem aan.
25En een zekere vrouw, die twaalf jaar een bloedvloeiing gehad had,
26En veel geleden had van vele geneesmeesters, en al het hare uitgegeven had, en niets beter geworden was, maar veeleer achteruitgegaan,
27Toen zij van Jezus gehoord had, kwam zij in de menigte van achteren en raakte Zijn kleed aan.
28Want zij zeide: Indien ik maar Zijn kleren aanraak, zal ik gezond worden.