Mattheüs 21:3
“En als iemand u iets zegt, zo zult u zeggen: De Heer heeft hen nodig; en hij zal ze terstond zenden.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 21 — omringende verzen
En toen zij Jeruzalem naderden en bij Bethfagé kwamen, aan de Olijfberg, zond Jezus twee discipelen uit,
2En zei tot hen: Gaat naar het dorp dat tegenover u ligt, en terstond zult u een ezelin gebonden vinden en een veulen bij haar; maakt ze los en brengt ze tot Mij.
En als iemand u iets zegt, zo zult u zeggen: De Heer heeft hen nodig; en hij zal ze terstond zenden.
Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden wat door de profeet gesproken is:
5Zegt de dochter van Sion: Zie, uw Koning komt tot u, zachtmoedig, en rijdend op een ezelin en op een veulen, het jong van een lastdier.
6En de discipelen gingen en deden zoals Jezus hun bevolen had,
7En brachten de ezelin en het veulen, en legden hun klederen op hen, en zetten Hem daarop.
8En een zeer grote menigte spreidde hun klederen op de weg; anderen hieuwen takken van de bomen en spreidden die op de weg.