Mattheüs 21:7
“En brachten de ezelin en het veulen, en legden hun klederen op hen, en zetten Hem daarop.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 21 — omringende verzen
En zei tot hen: Gaat naar het dorp dat tegenover u ligt, en terstond zult u een ezelin gebonden vinden en een veulen bij haar; maakt ze los en brengt ze tot Mij.
3En als iemand u iets zegt, zo zult u zeggen: De Heer heeft hen nodig; en hij zal ze terstond zenden.
4Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden wat door de profeet gesproken is:
5Zegt de dochter van Sion: Zie, uw Koning komt tot u, zachtmoedig, en rijdend op een ezelin en op een veulen, het jong van een lastdier.
6En de discipelen gingen en deden zoals Jezus hun bevolen had,
En brachten de ezelin en het veulen, en legden hun klederen op hen, en zetten Hem daarop.
En een zeer grote menigte spreidde hun klederen op de weg; anderen hieuwen takken van de bomen en spreidden die op de weg.
9En de menigten die vooruitgingen en die volgden, riepen: Hosanna de Zoon van David! Gezegend is Hij die komt in de naam des Heren! Hosanna in de hoogste hemelen!
10En toen Hij Jeruzalem was binnengekomen, werd de gehele stad bewogen en zei: Wie is deze?
11En de menigte zei: Dit is Jezus, de profeet van Nazareth in Galilea.
12En Jezus ging de tempel Gods binnen en dreef allen eruit die in de tempel verkochten en kochten, en Hij keerde de tafels der wisselaars om en de stoelen van hen die de duiven verkochten,