VSV
StatenvertalingMattheüs 26:1
“En het geschiedde, toen Jezus al deze woorden geëindigd had, dat Hij tot Zijn discipelen zei:”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 26 — omringende verzen
1
2En het geschiedde, toen Jezus al deze woorden geëindigd had, dat Hij tot Zijn discipelen zei:
Gij weet dat het over twee dagen Pascha is, en de Zoon des mensen wordt overgeleverd om gekruisigd te worden.
3Toen vergaderden de overpriesters, de schriftgeleerden en de oudsten des volks in het paleis van de hogepriester, die Kajafas heette,
4En zij beraadslaagden hoe zij Jezus met list in handen konden krijgen en Hem doden.
5Maar zij zeiden: Niet op het feest, opdat er geen oproer ontstaat onder het volk.
6Toen Jezus nu te Bethanië was, in het huis van Simon de melaatse,