Numeri 12:4
“En de HEER sprak plotseling tot Mozes, en tot Aäron, en tot Mirjam: Komt gij drieën uit naar de tent der samenkomst. En zij drieën kwamen uit.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 12 — omringende verzen
En Mirjam en Aäron spraken tegen Mozes ter oorzake van de Ethiopische vrouw die hij gehuwd had; want hij had een Ethiopische vrouw gehuwd.
2En zij zeiden: Heeft de HEER alleen door Mozes gesproken? heeft Hij niet ook door ons gesproken? En de HEER hoorde het.
3(Nu was de man Mozes zeer zachtmoedig, meer dan alle mensen op de aardbodem.)
En de HEER sprak plotseling tot Mozes, en tot Aäron, en tot Mirjam: Komt gij drieën uit naar de tent der samenkomst. En zij drieën kwamen uit.
En de HEER daalde neder in de wolkkolom, en stond aan de ingang van de tent, en riep Aäron en Mirjam; en zij beiden traden naar voren.
6En Hij zeide: Hoort nu Mijn woorden. Is er een profeet onder u, Ik, de HEER, maak Mij aan hem bekend in een visioen, en spreek tot hem in een droom.
7Mijn knecht Mozes is zulks niet; hij is getrouw in heel Mijn huis.
8Met hem spreek Ik mond tot mond, zelfs openlijk, en niet door duistere woorden; en de gestalte van de HEER aanschouwt hij. Waarom dan waart gij niet bevreesd om tegen Mijn knecht Mozes te spreken?
9En de toorn van de HEER ontbrandde tegen hen; en Hij vertrok.