Terug naar Openbaring 18
VSV
Statenvertaling

Openbaring 18:19

En zij wierpen stof op hun hoofden en riepen, wenende en weeklagende, en zeiden: Wee, wee die grote stad, waardoor allen die schepen op zee hadden, rijk werden door haar kostbaarheden! want in één uur is zij verwoest.

Kruisverwijzingen

Context

Openbaring 18 — omringende verzen

14

En de vruchten waarnaar uw ziel begeerde, zijn van u geweken, en al wat heerlijk en prachtig was, is van u geweken, en gij zult die geenszins meer vinden.

15

De kooplieden van deze dingen, die door haar rijk geworden zijn, zullen van verre staan uit vrees voor haar pijniging, wenende en weeklagende,

16

En zeggende: Wee, wee die grote stad, die gekleed was in fijn linnen en purper en scharlaken, en versierd met goud en edelgesteenten en parels!

17

Want in één uur is zo grote rijkdom tot niet geworden. En iedere stuurman, en al het scheepsvolk, en de zeelieden, en allen die op zee handeldrijven, stonden van verre,

18

En riepen toen zij de rook van haar verbranding zagen, en zeiden: Welke stad is gelijk aan deze grote stad!

19

En zij wierpen stof op hun hoofden en riepen, wenende en weeklagende, en zeiden: Wee, wee die grote stad, waardoor allen die schepen op zee hadden, rijk werden door haar kostbaarheden! want in één uur is zij verwoest.

20

Verheug u over haar, gij hemel, en gij heilige apostelen en profeten; want God heeft uw zaak op haar gewroken.

21

En een machtige engel hief een steen op, groot als een molensteen, en wierp hem in de zee, zeggende: Zo zal die grote stad Babylon met geweld neergeworpen worden, en zij zal geenszins meer gevonden worden.

22

En de stem van harpspelers en muzikanten, en fluitspelers en bazuinblazers, zal in u geenszins meer gehoord worden; en geen ambachtsman van welk ambacht ook, zal in u meer gevonden worden; en het geluid van een molensteen zal in u geenszins meer gehoord worden;

23

En het licht van een kaars zal in u geenszins meer schijnen; en de stem van de bruidegom en van de bruid zal in u geenszins meer gehoord worden: want uw kooplieden waren de groten der aarde; want door uw toverijen werden alle volken verleid.

24

En in haar werd gevonden het bloed van profeten en heiligen, en van allen die op aarde gedood zijn.