Psalmen 25:16
“Wend U tot mij en wees mij genadig, want ik ben eenzaam en verdrukt.”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 25 — omringende verzen
Om Uws Naams wil, o HEER, vergeef mijn ongerechtigheid, want zij is groot.
12Wie is de man die de HEER vreest? Hem zal Hij onderwijzen in de weg die hij kiezen moet.
13Zijn ziel zal in voorspoed wonen, en zijn nageslacht zal de aarde beërven.
14Het geheim des HEREN is voor hen die Hem vrezen, en Hij zal hun Zijn verbond doen kennen.
15Mijn ogen zijn steeds op de HEER gericht, want Hij zal mijn voeten uit het net trekken.
Wend U tot mij en wees mij genadig, want ik ben eenzaam en verdrukt.
De benauwdheden van mijn hart zijn vermenigvuldigd; voer mij uit mijn angsten.
18Zie mijn ellende en mijn moeite aan, en vergeef al mijn zonden.
19Zie mijn vijanden aan, want zij zijn velen, en zij haten mij met een grimmige haat.
20Bewaar mijn ziel en red mij; laat mij niet beschaamd worden, want ik neem mijn toevlucht tot U.
21Laat oprechtheid en rechtschapenheid mij behoeden, want ik verwacht U.