VSV
StatenvertalingPsalmen 29:2
“Geeft aan de HEER de heerlijkheid die Zijn naam toekomt; buigt u voor de HEER neder in de heerlijkheid van heiligheid.”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 29 — omringende verzen
1
Geeft aan de HEER, o gij machtigen, geeft aan de HEER heerlijkheid en sterkte.
2
3Geeft aan de HEER de heerlijkheid die Zijn naam toekomt; buigt u voor de HEER neder in de heerlijkheid van heiligheid.
De stem van de HEER is op de wateren; de God der heerlijkheid dondert; de HEER is op de grote wateren.
4De stem van de HEER is krachtig; de stem van de HEER is vol van majesteit.
5De stem van de HEER breekt de ceders; ja, de HEER breekt de ceders van Libanon.
6Hij doet hen ook springen als een kalf; Libanon en Sirjon als een jonge eenhoorn.
7De stem van de HEER splijt vuurvlammen.