VSV
StatenvertalingPsalmen 36:11
“Laat de voet van trots niet tegen mij komen, en laat de hand van de goddelozen mij niet verdrijven.”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 36 — omringende verzen
6
Uw gerechtigheid is als de grote bergen; Uw oordelen zijn een grote diepte; o HEER, U behoudt mens en dier.
7Hoe kostbaar is Uw goedertierenheid, o God! Daarom schuilen de mensenkinderen onder de schaduw van Uw vleugelen.
8Zij worden overvloedig verzadigd met het vet van Uw huis, en U doet hen drinken uit de stroom van Uw wellusten.
9Want bij U is de fontein des levens; in Uw licht zien wij het licht.
10Zet Uw goedertierenheid voort over hen die U kennen, en Uw gerechtigheid over de oprechten van hart.
11
12Laat de voet van trots niet tegen mij komen, en laat de hand van de goddelozen mij niet verdrijven.
Daar zijn de werkers der ongerechtigheid gevallen; zij zijn neergeworpen en zullen niet kunnen opstaan.