Psalmen 60:6
“God heeft gesproken in Zijn heiligheid; ik zal juichen, ik zal Sichem verdelen en het dal van Sukkoth zal ik opmeten.”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 60 — omringende verzen
O God, Gij hebt ons verstoten, Gij hebt ons verstrooid, Gij zijt verbolgen geweest; keer U weder tot ons.
2Gij hebt de aarde doen beven, Gij hebt haar gescheurd; genees haar breuken, want zij wankelt.
3Gij hebt Uw volk harde dingen doen zien; Gij hebt ons de wijn der verbijstering te drinken gegeven.
4Gij hebt een banier gegeven aan hen die U vrezen, opdat zij zou opgeheven worden vanwege de waarheid. Sela.
5Opdat Uw beminden bevrijd worden; verlos door Uw rechterhand en verhoor mij.
God heeft gesproken in Zijn heiligheid; ik zal juichen, ik zal Sichem verdelen en het dal van Sukkoth zal ik opmeten.
Gilead is van Mij, en Manasse is van Mij; Efraïm is de sterkte van Mijn hoofd; Juda is Mijn wetgever.
8Moab is Mijn waskom; over Edom zal Ik Mijn schoen werpen; over Mij, o Filistea, zult gij juichen.
9Wie zal mij brengen in de vaste stad? Wie zal mij leiden tot in Edom?
10Zult niet Gij het zijn, o God, Die ons verstoten hebt, en zult Gij, o God, niet uittrekken met onze heiren?
11Geef ons hulp uit de benauwdheid, want des mensen hulp is ijdel.