Romeinen 11:34
“Want wie heeft de zin des Heren gekend, of wie is Zijn raadsman geweest?”
Kruisverwijzingen
Context
Romeinen 11 — omringende verzen
Want de genadegaven en de roeping van God zijn onberouwelijk.
30Want zoals gij eertijds God niet hebt geloofd, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door hun ongeloof,
31Alzo hebben ook dezen nu niet geloofd, opdat ook zij door uw barmhartigheid barmhartigheid zouden verkrijgen.
32Want God heeft hen allen in het ongeloof besloten, opdat Hij over allen barmhartig zou zijn.
33O diepte van de rijkdom, beide van de wijsheid en van de kennis Gods! Hoe ondoorgrondelijk zijn Zijn oordelen en onnaspeurlijk Zijn wegen!
Want wie heeft de zin des Heren gekend, of wie is Zijn raadsman geweest?
Of wie heeft Hem eerst iets gegeven, en het zal hem weer vergolden worden?
36Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid tot in eeuwigheid. Amen.