Terug naar Romeinen 7
VSV
Statenvertaling

Romeinen 7:4

Zo dan, mijn broeders, u bent ook der wet gestorven door het lichaam van Christus, opdat u aan een Ander zou toebehoren, namelijk aan Hem Die uit de doden is opgewekt, zodat wij voor God vrucht zouden dragen.

Kruisverwijzingen

Context

Romeinen 7 — omringende verzen

1

Weet u niet, broeders — want ik spreek tot hen die de wet kennen — dat de wet over een mens heerschappij heeft zolang hij leeft?

2

Want een getrouwde vrouw is door de wet aan haar man gebonden zolang hij leeft; maar als haar man gestorven is, is zij losgemaakt van de wet van haar man.

3

Zo dan, als zij, terwijl haar man leeft, aan een andere man toebehoort, zal zij een overspelige worden genoemd; maar als haar man gestorven is, is zij vrij van die wet, zodat zij geen overspelige is, al behoort zij aan een andere man toe.

4

Zo dan, mijn broeders, u bent ook der wet gestorven door het lichaam van Christus, opdat u aan een Ander zou toebehoren, namelijk aan Hem Die uit de doden is opgewekt, zodat wij voor God vrucht zouden dragen.

5

Want toen wij in het vlees waren, werkten de hartstochten der zonden, die door de wet gewekt werden, in onze leden om vrucht te dragen voor de dood.

6

Maar nu zijn wij verlost van de wet, omdat wij gestorven zijn aan datgene waardoor wij gevangen gehouden werden; zodat wij dienen in de nieuwheid des Geestes, en niet in de oudheid der letter.

7

Wat zullen wij dan zeggen? Is de wet zonde? Dat zij verre! Maar ik had de zonde niet gekend dan door de wet; want ook de begeerlijkheid had ik niet gekend, als de wet niet gezegd had: U zult niet begeren.

8

Maar de zonde heeft door het gebod aanleiding genomen en in mij allerlei begeerlijkheid gewrocht. Want zonder de wet is de zonde dood.

9

Want ik was eens levend zonder de wet; maar toen het gebod kwam, herleefde de zonde, en ik stierf.