VSV
StatenvertalingSpreuken 26:2
“Zoals een vogel door het rondzwerven en een zwaluw door het vliegen, zo zal een oorzaakloze vloek niet komen.”
Kruisverwijzingen
Context
Spreuken 26 — omringende verzen
1
Als sneeuw in de zomer en als regen in de oogst, zo past eer niet voor een dwaas.
2
3Zoals een vogel door het rondzwerven en een zwaluw door het vliegen, zo zal een oorzaakloze vloek niet komen.
Een zweep voor het paard, een toom voor de ezel, en een roede voor de rug van de dwaas.
4Antwoord een dwaas niet naar zijn dwaasheid, opdat gij ook niet aan hem gelijk wordt.
5Antwoord een dwaas naar zijn dwaasheid, opdat hij niet wijs zij in zijn eigen ogen.
6Hij die een boodschap zendt door de hand van een dwaas hakt de voeten af en drinkt schade.
7De benen van de kreupele zijn niet gelijk; zo is een spreuk in de mond van dwazen.