VSV
StatenvertalingSpreuken 5:3
“Want de lippen van een vreemde vrouw druipen als honingzeem, en haar mond is gladder dan olie:”
Kruisverwijzingen
Context
Spreuken 5 — omringende verzen
1
Mijn zoon, let op mijn wijsheid, en neig uw oor tot mijn inzicht:
2Opdat u bedachtzaamheid in acht mag nemen, en uw lippen kennis mogen bewaren.
3
4Want de lippen van een vreemde vrouw druipen als honingzeem, en haar mond is gladder dan olie:
Maar haar einde is bitter als alsem, scherp als een tweesnijdend zwaard.
5Haar voeten dalen af naar de dood; haar stappen grijpen naar het dodenrijk.
6Opdat gij het pad des levens niet zou overwegen — haar wegen zijn beweeglijk, zodat gij ze niet kunt kennen.
7Hoor mij dan nu, o kinderen, en wijk niet af van de woorden mijns monds.
8Houd uw weg ver van haar, en kom niet nabij de deur van haar huis: