1 Korintiërs 3:6
“Ik heb geplant, Apollos heeft natgemaakt, maar God heeft de wasdom gegeven.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Korintiërs 3 — omringende verzen
En ik, broeders, kon tot u niet spreken als tot geestelijken, maar als tot vleselijken, als tot kinderkens in Christus.
2Ik heb u met melk gevoed en niet met vaste spijs, want gij waart nog niet in staat, ja, nu nog zijt gij het niet,
3Want gij zijt nog vleselijk. Want terwijl er onder u nijd, en twist, en verdeeldheid is, zijt gij dan niet vleselijk en wandelt gij niet naar den mens?
4Want wanneer de een zegt: Ik ben van Paulus, en een ander: Ik ben van Apollos, zijt gij dan niet vleselijk?
5Wie is dan Paulus, en wie is Apollos, dan dienaren door wie gij geloofd hebt, zoals de Heer aan ieder gegeven heeft?
Ik heb geplant, Apollos heeft natgemaakt, maar God heeft de wasdom gegeven.
Zo is dan noch hij die plant iets, noch hij die natmaakt, maar God Die de wasdom geeft.
8En hij die plant en hij die natmaakt, zijn één; doch ieder zal zijn eigen loon ontvangen naar zijn eigen arbeid.
9Want wij zijn medearbeiders van God; gij zijt Gods akker, Gods gebouw.
10Naar de genade van God die mij gegeven is, heb ik als een wijs bouwmeester het fundament gelegd, en een ander bouwt daarop. Maar een ieder zie toe hoe hij daarop bouwt.
11Want niemand kan een ander fundament leggen dan hetgeen gelegd is, namelijk Jezus Christus.