1 Samuël 1:28
“Daarom heb ik hem ook aan de HEER afgestaan; al de dagen dat hij leeft, is hij aan de HEER afgestaan. En hij aanbad de HEER daar.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Samuël 1 — omringende verzen
En Elkana, haar man, zei tot haar: Doe wat goed is in uw ogen; blijf totdat u hem gespeend hebt; de HEER bevestige slechts Zijn woord. Zo bleef de vrouw en zoogde haar zoon totdat zij hem speende.
24En toen zij hem gespeend had, nam zij hem met zich mee, met drie stieren, een efa meel en een lederen zak met wijn, en bracht hem naar het huis van de HEER in Silo; en het kind was nog jong.
25En zij slachtten de stier, en brachten het kind tot Eli.
26En zij zei: Och, mijn heer, zo waar uw ziel leeft, mijn heer, ik ben de vrouw die hier bij u gestaan heeft om te bidden tot de HEER.
27Om dit kind heb ik gebeden, en de HEER heeft mij mijn verzoek gegeven dat ik van Hem gevraagd heb.
Daarom heb ik hem ook aan de HEER afgestaan; al de dagen dat hij leeft, is hij aan de HEER afgestaan. En hij aanbad de HEER daar.