2 Korintiërs 12:10
“Daarom heb ik een welbehagen in zwakheden, in smaadheden, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil; want als ik zwak ben, dan ben ik sterk.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Korintiërs 12 — omringende verzen
Over zo iemand zal ik roemen; maar over mijzelf zal ik niet roemen, behalve in mijn zwakheden.
6Want al zou ik willen roemen, ik zou geen dwaas zijn; want ik zou de waarheid spreken. Maar ik onthoud mij ervan, opdat niemand van mij meer zou denken dan hij aan mij ziet, of van mij hoort.
7En opdat ik niet door de overvloed van de openbaringen verheven zou worden, is mij een doorn in het vlees gegeven, een engel van de satan om mij te buffelen, opdat ik niet verheven zou worden.
8Hierover heb ik de Heer driemaal gebeden, dat hij van mij zou wijken.
9En Hij zeide tot mij: Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Zeer gaarne dan zal ik veeleer roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus op mij rust.
Daarom heb ik een welbehagen in zwakheden, in smaadheden, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil; want als ik zwak ben, dan ben ik sterk.
Ik ben een dwaas geworden door te roemen; u hebt mij daartoe gedwongen. Want ik behoorde door u aanbevolen te worden; want ik ben in niets achtergebleven bij de allerhoogste apostelen, al ben ik ook niets.
12Waarlijk, de tekenen van een apostel zijn onder u verricht in alle geduld, in tekenen, en wonderen, en krachtige daden.
13Want wat is er, waarin u bij andere gemeenten tekortgekomen bent, behalve dat ik zelf u niet tot last geweest ben? Vergeef mij dit onrecht.
14Zie, voor de derde maal ben ik gereed om tot u te komen; en ik zal u niet tot last zijn; want ik zoek niet het uwe, maar u. Want de kinderen behoren niet te sparen voor de ouders, maar de ouders voor de kinderen.
15En ik zal zeer gaarne uitgeven en uitgegeven worden voor u; al word ik ook des te minder geliefd, hoe overvloediger ik u liefheb.