2 Korintiërs 3:1
“Beginnen wij onszelf wederom aan te bevelen? Of hebben wij, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven aan u nodig, of brieven van aanbeveling van u?”
Kruisverwijzingen
Context
2 Korintiërs 3 — omringende verzen
Beginnen wij onszelf wederom aan te bevelen? Of hebben wij, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven aan u nodig, of brieven van aanbeveling van u?
Gij zijt onze brief, geschreven in onze harten, gekend en gelezen van alle mensen;
3Daar het duidelijk is dat gij een brief van Christus zijt, door onze dienst opgesteld, geschreven niet met inkt maar met de Geest van de levende God; niet op stenen tafelen maar op vlezen tafelen des harten.
4En zulk een vertrouwen hebben wij door Christus bij God;
5Niet dat wij van onszelf bekwaam zijn iets te bedenken als vanuit onszelf, maar onze bekwaamheid is uit God;
6Die ons ook bekwaam gemaakt heeft als dienaars van het nieuwe verbond; niet der letter, maar des Geestes; want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.