2 Korintiërs 3:2
“Gij zijt onze brief, geschreven in onze harten, gekend en gelezen van alle mensen;”
Kruisverwijzingen
Context
2 Korintiërs 3 — omringende verzen
Beginnen wij onszelf wederom aan te bevelen? Of hebben wij, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven aan u nodig, of brieven van aanbeveling van u?
Gij zijt onze brief, geschreven in onze harten, gekend en gelezen van alle mensen;
Daar het duidelijk is dat gij een brief van Christus zijt, door onze dienst opgesteld, geschreven niet met inkt maar met de Geest van de levende God; niet op stenen tafelen maar op vlezen tafelen des harten.
4En zulk een vertrouwen hebben wij door Christus bij God;
5Niet dat wij van onszelf bekwaam zijn iets te bedenken als vanuit onszelf, maar onze bekwaamheid is uit God;
6Die ons ook bekwaam gemaakt heeft als dienaars van het nieuwe verbond; niet der letter, maar des Geestes; want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.
7Maar indien de bediening des doods, in letteren gegraveerd op stenen, in heerlijkheid was, zodat de kinderen Israëls niet konden zien op het aangezicht van Mozes vanwege de heerlijkheid zijns aangezichts, welke heerlijkheid teniet zou worden gedaan;