Terug naar 2 Korintiërs 5
VSV
Statenvertaling

2 Korintiërs 5:13

Want hetzij dat wij uitzinnig zijn, wij zijn het Gode; of hetzij dat wij bij onze zinnen zijn, wij zijn het u.

Kruisverwijzingen

Context

2 Korintiërs 5 — omringende verzen

8

Wij zijn, zeg ik, welgemoed en hebben meer behagen om uit te wonen uit het lichaam en bij de Heer te wonen.

9

Daarom zijn wij ook zeer begerig, hetzij inwonend of uitwonend, om Hem welbehagelijk te zijn.

10

Want wij moeten allen voor de rechterstoel van Christus openbaar worden, opdat een ieder wegdrage hetgeen in het lichaam geschied is, naardat hij gedaan heeft, hetzij goed of kwaad.

11

Wetende dan de schrik des Heren, overreden wij de mensen; maar aan God zijn wij openbaar, en ik hoop ook in uw gewetens geopenbaard te zijn.

12

Want wij prijzen onszelf niet wederom bij u aan, maar geven u gelegenheid tot roem over ons, opdat gij iets hebt te antwoorden aan hen die roemen in het uiterlijke en niet in het hart.

13

Want hetzij dat wij uitzinnig zijn, wij zijn het Gode; of hetzij dat wij bij onze zinnen zijn, wij zijn het u.

14

Want de liefde van Christus dringt ons, daar wij dit oordelen, dat indien Een voor allen gestorven is, zij dan allen gestorven zijn;

15

En dat Hij voor allen gestorven is, opdat zij die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem Die voor hen gestorven en opgewekt is.

16

Zo dan, wij kennen van nu aan niemand naar het vlees; en indien wij ook Christus naar het vlees gekend hebben, zo kennen wij Hem nu niet meer.

17

Daarom, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, zie, het is alles nieuw geworden.

18

En alle dingen zijn uit God, Die ons met Zichzelf verzoend heeft door Jezus Christus, en ons de bediening der verzoening gegeven heeft,