Terug naar 2 Samuël 20
VSV
Statenvertaling

2 Samuël 20:21

Zo is de zaak niet; maar een man van het gebergte Efraïm, Seba de zoon van Bichri genaamd, heeft zijn hand opgeheven tegen de koning, zelfs tegen David. Lever hem alleen uit, dan zal ik van de stad vertrekken. En de vrouw zei tegen Joab: Zie, zijn hoofd zal u over de muur worden toegeworpen.

Kruisverwijzingen

Context

2 Samuël 20 — omringende verzen

16

Toen riep een wijze vrouw uit de stad: Luister, luister! Zeg toch aan Joab: Kom hierheen, dat ik met u spreke.

17

En toen hij bij haar gekomen was, zei de vrouw: Bent u Joab? En hij antwoordde: Ik ben het. Toen zei zij tot hem: Luister naar de woorden van uw dienstmaagd. En hij antwoordde: Ik luister.

18

Toen sprak zij en zei: Vanouds placht men te zeggen: Laat men toch raad vragen te Abel; en zo beslisten zij de zaak.

19

Ik behoor tot de vredelievenden en getrouwen in Israël; maar u tracht een stad en een moeder in Israël te vernietigen. Waarom wilt u de erfenis van de HEER verslinden?

20

En Joab antwoordde en zei: Dat zij verre, dat zij verre van mij, dat ik zou verslinden of verwoesten.

21

Zo is de zaak niet; maar een man van het gebergte Efraïm, Seba de zoon van Bichri genaamd, heeft zijn hand opgeheven tegen de koning, zelfs tegen David. Lever hem alleen uit, dan zal ik van de stad vertrekken. En de vrouw zei tegen Joab: Zie, zijn hoofd zal u over de muur worden toegeworpen.

22

Toen ging de vrouw in haar wijsheid tot al het volk. En zij sloegen het hoofd van Seba, de zoon van Bichri, af, en wierpen het uit naar Joab. En hij blies op de bazuin, en zij trokken zich terug van de stad, een ieder naar zijn tent. En Joab keerde terug naar Jeruzalem, naar de koning.

23

Nu was Joab aangesteld over het gehele leger van Israël; en Benaja, de zoon van Jojada, was aangesteld over de Keretieten en over de Peletieten.

24

En Adoram was over de herendienst; en Josafat, de zoon van Ahilud, was kanselier.

25

En Seva was schrijver; en Zadok en Abjathar waren de priesters.

26

En ook Ira, de Jaïriet, was een voorname raadsman bij David.