Terug naar Daniël 5
VSV
Statenvertaling

Daniël 5:4

Zij dronken wijn en prezen de goden van goud en van zilver, van koper, van ijzer, van hout en van steen.

Kruisverwijzingen

Context

Daniël 5 — omringende verzen

1

De koning Belsazar maakte een groot feest voor duizend van zijn grootvorsten, en dronk wijn voor de ogen van die duizend.

2

Belsazar gaf, terwijl hij de wijn proefde, bevel de gouden en zilveren vaten te brengen die zijn vader Nebukadnezar had weggenomen uit de tempel te Jeruzalem; opdat de koning en zijn vorsten, zijn vrouwen en zijn bijvrouwen, daarin zouden drinken.

3

Toen bracht men de gouden vaten die uit de tempel, het huis Gods te Jeruzalem, genomen waren; en de koning en zijn vorsten, zijn vrouwen en zijn bijvrouwen, dronken daaruit.

4

Zij dronken wijn en prezen de goden van goud en van zilver, van koper, van ijzer, van hout en van steen.

5

Op datzelfde ogenblik kwamen er vingers van een mensenhand tevoorschijn, die schreven op het pleisterwerk van de wand van het koninklijk paleis, tegenover de kandelaar; en de koning zag het gedeelte van de hand die schreef.

6

Toen veranderde de gelaatskleur van de koning, en zijn gedachten beangsten hem, zodat de gewrichten van zijn heupen het begaven en zijn knieën tegen elkaar sloegen.

7

De koning riep luid om de bezweerders, de Chaldeeën en de waarzeggers binnen te brengen. De koning nam het woord en zeide tot de wijzen van Babel: Wie deze schrift leest en mij de uitlegging ervan meedeelt, zal in purper gekleed worden en een gouden keten om zijn hals dragen en de derde heerser in het koninkrijk zijn.

8

Toen kwamen al de wijzen van de koning binnen, maar zij konden de schrift niet lezen en de uitlegging ervan niet aan de koning bekendmaken.

9

Toen werd de koning Belsazar ten zeerste verschrikt, en zijn gelaatskleur veranderde in hem, en zijn grootvorsten waren verbijsterd.