Terug naar Deuteronomium 21
VSV
Statenvertaling

Deuteronomium 21:13

En zij zal het gewaad van haar gevangenschap van zich afdoen en in uw huis blijven, en een volle maand haar vader en haar moeder bewenen; en daarna zult u tot haar ingaan en haar man zijn, en zij zal uw vrouw zijn.

Kruisverwijzingen

Context

Deuteronomium 21 — omringende verzen

8

Wees genadig, o HEER, over Uw volk Israël, dat U verlost hebt, en reken onschuldig bloed Uw volk Israël niet toe. En het bloed zal hun vergeven worden.

9

Zo zult u het onschuldige bloed uit uw midden wegdoen, wanneer u doet wat recht is in de ogen van de HEER.

10

Wanneer u uittrekt ten strijde tegen uw vijanden, en de HEER uw God hen in uw handen geeft en u hen als gevangenen wegvoert,

11

en u onder de gevangenen een schone vrouw ziet en u begeerte naar haar hebt, zodat u haar tot vrouw wilt nemen,

12

dan zult u haar in uw huis brengen, en zij zal haar hoofd scheren en haar nagels knippen.

13

En zij zal het gewaad van haar gevangenschap van zich afdoen en in uw huis blijven, en een volle maand haar vader en haar moeder bewenen; en daarna zult u tot haar ingaan en haar man zijn, en zij zal uw vrouw zijn.

14

En het zal geschieden, als u geen behagen in haar hebt, dat u haar zult laten gaan waarheen zij wil; maar u zult haar volstrekt niet voor geld verkopen, u zult haar niet behandelen als een koopwaar, omdat u haar vernederd hebt.

15

Indien een man twee vrouwen heeft, één geliefde en één gehate, en zij hebben hem kinderen gebaard, zowel de geliefde als de gehate, en de eerstgeboren zoon is van haar die gehaat wordt,

16

dan zal het, wanneer hij zijn zonen zijn bezit laat erven, niet geoorloofd zijn dat hij de zoon van de geliefde als eerstgeborene laat gelden boven de zoon van de gehate, die werkelijk de eerstgeborene is.

17

Maar hij zal de zoon van de gehate als eerstgeborene erkennen door hem een dubbel deel te geven van alles wat hij heeft; want hij is de eerstelingen van zijn kracht, het recht van de eerstgeborene is van hem.

18

Indien een man een weerbarstige en opstandige zoon heeft, die de stem van zijn vader en de stem van zijn moeder niet gehoorzaamt, en die, hoewel zij hem kastijden, niet naar hen luistert,