Efeziërs 4:22
“Dat gij, wat de vroegere wandel betreft, de oude mens aflegt, die te gronde gaat naar de begeerlijkheden der verleiding;”
Kruisverwijzingen
Context
Efeziërs 4 — omringende verzen
Dit zeg ik dan en betuig het in de Heer, dat gij niet meer wandelt zoals de andere heidenen wandelen, in de ijdelheid van hun gemoed,
18Met verduisterd verstand, vervreemd van het leven van God door de onwetendheid die in hen is, vanwege de verharding van hun hart;
19Die, afgestompt van gevoel, zichzelf hebben overgegeven aan de losbandigheid, om alle onreinheid met hebzucht te bedrijven.
20Maar gij hebt Christus alzo niet geleerd;
21Als gij Hem tenminste gehoord hebt en door Hem onderwezen zijt, gelijk de waarheid in Jezus is;
Dat gij, wat de vroegere wandel betreft, de oude mens aflegt, die te gronde gaat naar de begeerlijkheden der verleiding;
En vernieuwd wordt in de geest van uw gemoed;
24En de nieuwe mens aandoet, die naar God geschapen is in ware gerechtigheid en heiligheid.
25Legt daarom de leugen af en spreekt de waarheid, een ieder met zijn naaste; want wij zijn leden van elkander.
26Zijt toornig, en zondigt niet; laat de zon niet ondergaan over uw toorn;
27En geeft de duivel geen plaats.