Efeziërs 4:25
“Legt daarom de leugen af en spreekt de waarheid, een ieder met zijn naaste; want wij zijn leden van elkander.”
Kruisverwijzingen
Context
Efeziërs 4 — omringende verzen
Maar gij hebt Christus alzo niet geleerd;
21Als gij Hem tenminste gehoord hebt en door Hem onderwezen zijt, gelijk de waarheid in Jezus is;
22Dat gij, wat de vroegere wandel betreft, de oude mens aflegt, die te gronde gaat naar de begeerlijkheden der verleiding;
23En vernieuwd wordt in de geest van uw gemoed;
24En de nieuwe mens aandoet, die naar God geschapen is in ware gerechtigheid en heiligheid.
Legt daarom de leugen af en spreekt de waarheid, een ieder met zijn naaste; want wij zijn leden van elkander.
Zijt toornig, en zondigt niet; laat de zon niet ondergaan over uw toorn;
27En geeft de duivel geen plaats.
28Wie gestolen heeft, steal niet meer; maar laat hij veeleer arbeiden, met zijn handen het goede werkende, opdat hij iets hebbe om mede te delen aan hem die behoefte heeft.
29Geen verderfelijk woord kome uit uw mond, maar hetgeen goed is tot noodzakelijke opbouw, opdat het genade geve aan de hoorders.
30En bedroeft de heilige Geest van God niet, door Wie gij verzegeld zijt tot de dag der verlossing.