Terug naar Exodus 34
VSV
Statenvertaling

Exodus 34:21

Zes dagen zult gij arbeiden, maar op de zevende dag zult gij rusten; in ploeg- en in oogsttijd zult gij rusten.

Kruisverwijzingen

Context

Exodus 34 — omringende verzen

16

En gij van hun dochters neemt voor uw zonen, en hun dochters hoereren achter hun goden en uw zonen doen hoereren achter hun goden.

17

Gij zult u geen gegoten goden maken.

18

Het feest der ongezuurde broden zult gij onderhouden. Zeven dagen zult gij ongezuurd brood eten, zoals Ik u geboden heb, ten tijde van de maand Abib; want in de maand Abib zijt gij uit Egypte uitgetrokken.

19

Al wat de moederschoot opent is van Mij; en elke eerstelingsman onder uw vee, of het een rund of een schaap is.

20

Maar de eersteling van een ezel zult gij lossen met een lam; en indien gij hem niet lost, dan zult gij hem de nek breken. Al de eerstgeborenen van uw zonen zult gij lossen. En niemand zal voor Mijn aangezicht verschijnen met lege handen.

21

Zes dagen zult gij arbeiden, maar op de zevende dag zult gij rusten; in ploeg- en in oogsttijd zult gij rusten.

22

En het Wekenfeest zult gij vieren, van de eerstelingen van de tarweoogst, en het feest van de inzameling aan het einde van het jaar.

23

Driemaal per jaar zullen al uw mannen verschijnen voor de HEER God, de God van Israël.

24

Want Ik zal de volken voor u uitdrijven en uw grenzen verruimen; en niemand zal uw land begeren, wanneer gij zult opgaan om driemaal per jaar te verschijnen voor de HEER uw God.

25

Gij zult het bloed van Mijn offer niet offeren bij gezuurd brood; ook zal het offer van het Paasfeest niet tot de morgen overblijven.

26

De eerstelingen der eerstelingen van uw land zult gij brengen naar het huis van de HEER uw God. Gij zult een geitenbokje niet koken in de melk van zijn moeder.