Terug naar Handelingen 21
VSV
Statenvertaling

Handelingen 21:16

En er gingen ook sommige van de discipelen uit Caesarea met ons mee, en brachten ons bij een zekere Mnason van Cyprus, een oude discipel, bij wie wij zouden logeren.

Kruisverwijzingen

Context

Handelingen 21 — omringende verzen

11

En toen hij tot ons gekomen was, nam hij de gordel van Paulus en bond zijn eigen handen en voeten, en zeide: Zo zegt de Heilige Geest: Alzo zullen de Joden te Jeruzalem de man binden die deze gordel toebehoort, en hem overleveren in de handen der heidenen.

12

En toen wij deze dingen hoorden, smeekten zowel wij als de inwoners van die plaats hem, dat hij niet naar Jeruzalem zou opgaan.

13

Toen antwoordde Paulus: Wat doet gij, dat gij weent en mijn hart breekt? Want ik ben bereid niet alleen gebonden te worden, maar ook te sterven te Jeruzalem voor de Naam van de Heer Jezus.

14

En toen hij niet te overreden was, zwegen wij en zeiden: De wil des Heren geschiede.

15

En na die dagen maakten wij ons gereed en gingen op naar Jeruzalem.

16

En er gingen ook sommige van de discipelen uit Caesarea met ons mee, en brachten ons bij een zekere Mnason van Cyprus, een oude discipel, bij wie wij zouden logeren.

17

En toen wij te Jeruzalem aangekomen waren, ontvingen de broeders ons met blijdschap.

18

En de volgende dag ging Paulus met ons naar Jakobus; en al de ouderlingen waren tegenwoordig.

19

En nadat hij hen gegroet had, verhaalde hij punt voor punt wat God onder de heidenen door zijn bediening gedaan had.

20

En toen zij dit hoorden, verheerlijkten zij de Heer en zeiden tot hem: Gij ziet, broeder, hoeveel duizenden Joden er zijn die geloven; en zij zijn allen ijveraars voor de wet.

21

En zij zijn over u ingelicht, dat gij al de Joden die onder de heidenen zijn, leert Mozes te verlaten, zeggende dat zij hun kinderen niet moeten besnijden, noch naar de gebruiken wandelen.